De vlooiencyclus
Volwassen vlooien bespringen uw hond of kat, drinken bloed, paren en de vrouwtjes leggen daarna eitjes. Deze eitjes vallen van uw huisdier op de grond, meestal op de plekken waar het dier het meest komt. Natuurlijk kan dit overal in uw huis zijn. Uit deze eitjes komen larven die wegkruipen in kieren, naden en diep in uw tapijt. Omdat de larven niet tegen direct zonlicht kunnen, kruipen ze daar dus voor weg.
Deze larven ontwikkelen zich tot poppen en daarin ontwikkelen zich nieuwe volwassen vlooien. Zij komen uit de pop, wanneer de omstandigheden gunstig zijn. Denk aan de aanwezigheid van een hond of kat, hogere temperaturen (rond 20ºC of hoger is ideaal) en hoge luchtvochtigheid. Dat betekent ook meteen dat vlooien niet alléén op uw huisdier zitten.
Let wel, van alle vlooien in uw huis zit slechts 1 tot 5% op uw hond of kat! De rest, dus maar liefst 95 tot 99%, kan zich overal in huis bevinden.
Deze ‘vlooiencyclus' vindt het hele jaar door plaats. Alleen de duur van die cyclus kan worden vertraagd. In de winter duurt het normaal gesproken langer, voordat een nieuwe vlo zich vanuit een eitje heeft ontwikkeld. De hele cyclus kan 2 of 3 weken tot enkele maanden duren en soms zelfs 1 tot 1½ jaar. |